In '366 dagen in Congo' vertrekt de schrijver in 1963 naar Congo om er in het kader van de Belgische Technische Bijstand aan Congo gedurende twee jaar les te gaan geven in een middelbare school. Daardoor komt hij in Stanleystad terecht waar hij gaat werken in de middelbare school van de broeders Maristen. Alles verloopt prima tot er onlusten uitbreken in het noordoosten van Congo en een rebellenbeweging, genaamd de Simba's, Stanleystad veroveren op het ANC en al snel de macht in de ganse oost-provincie in handen nemen.
Afgesloten van de buitenwereld proberen de blanke inwoners zich zo neutraal mogelijk op te stellen in dit interne Congolese conflict en in het begin hebben ze daardoor weinig last van hun nieuwe meesters.
Door inmenging van de Belgische en Amerikaanse regering en het inzetten van huurlingen met een Belgische omkadering en Amerikaanse logistiek, keren de krijgskansen en komen de blanken in het gebied meer en meer in moeilijkheden en worden ze eerst gijzelaars en daarna zelfs gevangenen van de rebellen. Al snel vallen in de heroverde gebieden de eerste slachtoffers onder de Belgen en Amerikanen en heeft de Belgische regering geen andere optie meer dan een snelle militaire interventiemacht naar Congo te sturen om er de gijzelaars te ontzetten. De operatie,'De rode draak' genoemd, lukt gedeeltelijk en meer dan 1500 gijzelaars worden gered en weggehaald uit Stanleystad en Paulis.
De schrijver stelt vast dat er 50 jaar later maar weinig is veranderd in Congo en China en de USA er elkaar nog steeds bekampen om hun eigen invloedsfeer uit te breiden.
I have a question about the book:
‘366 dagen Congo - Stevens, Herman’.
Fill in the form below.
We will respond as fast as possible.
We value your privacy
We use cookies to measure traffic, improve Boekstra and let Google tailor ads to your interests. You can keep using the site either way — even if you decline. More info