‘Waarom schrijf je?’ Dat is de vraag die Miriam Toews op een literair festival wordt gesteld. Bij iedere poging tot een antwoord struikelt ze over haar familiegeschiedenis, die is getekend door suïcide. Het windmuseum is een onderzoek naar de grillen van het geheugen, naar spreken en zwijgen en naar wat ons bestaan tegelijk zo ondraaglijk en onweerstaanbaar maakt.
In tijden van somberte hullen zowel Toews’ vader als zus zich in stilte. Als haar zus tijdens zo’n periode aan Toews vraagt of ze haar brieven wil schrijven, is dat een manier om het oorverdovende zwijgen te doorbreken. Ze vertelt haar zus, in een toon die afwisselend loodzwaar en vlinderlicht is, over haar rampzalige eerste vakantie, over de streken die hun moeder uithaalt, over de onbedaarlijke lol die ze heeft met haar kinderen. Toews blijft het doen, dat schrijven. Sterker nog, het wordt haar redding.
In Het windmuseum toont Toews zich op haar best: niemand kan zo geestig schrijven over zo’n gitzwart onderwerp.
I have a question about the book:
'Het windmuseum - Toews, Miriam'.
Fill in the form below.
We will respond as fast as possible.
We value your privacy
We use cookies to measure traffic, improve Boekstra and let Google tailor ads to your interests. You can keep using the site either way — even if you decline. More info