Kinderen leren een taal via horen en spreken. Gesproken taal vormt hun denken en onthouden. Pas later leren ze lezen en schrijven. Wanneer de uitspraak van getallen verschilt van het lezen en schrijven geeft dat problemen.
In het Westen lezen we van links naar rechts. De getallen komen uit India en Arabië waar men van rechts naar links leest. Het getal 19 is nu negentien maar wiskundig schrijf je tien & negen. Kinderen die afhankelijk zijn van uitspraak moeten een omkering leren. Dit hindert tellen, rekenen en het getalbegrip.
Het gebruik van tig lost een probleem met 19 en 90 op. Negen·tig is goed, en vermijdt het verwarrende negentien. De wiskundige uitspraak van 19 is tig & negen. 21 is twee·tig & een. Rekenen wordt zo eenvoudiger.
Dit lesvoorbeeld voor de eerste jaren van de basisschool laat zien hoe het beter kan. Het is nog niet getoetst voor gebruik in de klas maar het voorbeeld is bedoeld voor onderzoekers, onderwijzers, ouders en beleidsmakers. De verantwoording staat in de boeken "Een kind wil aardige en geen gemene getallen" en "A child wants nice and no mean numbers" (die meer verbeteringen aansnijden).
De auteur is econometrist en leraar wiskunde. Zie thomascool.eu
I have a question about the book:
'Tellen en rekenen met tig - Colignatus, Thomas'.
Fill in the form below.
We will respond as fast as possible.
We value your privacy
We use cookies to measure traffic, improve Boekstra and let Google tailor ads to your interests. You can keep using the site either way — even if you decline. More info