Miel Vanstreels (1951) was elf toen hij zijn eerste racefiets kreeg. Sinds die tijd toert hij als een toerist met altijd tegenwind over binnen- en buitenlandse wegen. In dit boek brengt hij verslag uit van zijn tochten.
'Elk relaas is kernachtig en to the point, heerlijk om bij weg te dromen … en weer te gaan fietsen!' (Patrick Cornillie in 'Grinta'.)
'Het is nog niet vastgesteld of Miel Vanstreels ter wereld kwam met een pen in de hand of op een fiets.' (Wim van Til in 'De Boekhouding'.)
I have a question about the book:
'Fietsvarianten - Vanstreels, Miel'.
Fill in the form below.
We will respond as fast as possible.
We value your privacy
We use cookies to measure traffic, improve Boekstra and let Google tailor ads to your interests. You can keep using the site either way — even if you decline. More info