1923. Peder’s geboortestreek is weer Deens. Eén van de vele offers die Duitsland moet brengen na de verloren oorlog. Met zijn nieuwe nationaliteit denkt Peder veilig te zijn. Hij reist naar München om de ouders van zijn vermoorde dienstkameraad op te zoeken. Maar door de snelle opkomst van Hitler is München niet zo veilig als het lijkt. Peder trad in het vale licht van de straatlantaarn. Hitler liep naar hem toe.
“Ik zocht je,” zei hij kwaad. Zijn ogen fonkelden. “Vertel op, wat heb je met die man gedaan die ik je gisteren heb toevertrouwd?”
“Welke man?” waagde Peder te vragen.
“Welke man? Waar zit je met je hoofd? Die marineman natuurlijk. Die ouwe.”
Bedoelde hij Tönnes? Peder moest gokken. Een andere keus was er niet.
“Hij is dood. Hij heeft zelfmoord gepleegd.”
Hitler werd bleek. Zenuwtrekken rond zijn mond beletten hem in eerste instantie het spreken.
I have a question about the book:
'De Duitse demon - Eijsermans, René'.
Fill in the form below.
We will respond as fast as possible.
We value your privacy
We use cookies to measure traffic, improve Boekstra and let Google tailor ads to your interests. You can keep using the site either way — even if you decline. More info