In Tot de winter er op volgt dicht Toon Tellegen over het gezicht van de ouderdom. Nu eens kijkt hij met weemoed terug op het leven, dan weer schopt hij vol bravoure het einde ervan vér voor zich uit.
Het verleden slaat op de vlucht,
het is bang voor mij
ik zou het wat aan kunnen doen,
het laten stikken bijvoorbeeld, of vergeten
en dan alleen verder gaan
met alleen maar heden voor mij, achter mij
ik zou niets meer wegen,
nooit meer die loodzware voeten, die rug die bezwijkt,
die plotselinge steen in mij
en nooit meer schrijven, doorkrassen, verfrommelen, verdoezelen.
I have a question about the book:
'Tot de winter er op volgt - Tellegen, Toon'.
Fill in the form below.
We will respond as fast as possible.
We value your privacy
We use cookies to measure traffic, improve Boekstra and let Google tailor ads to your interests. You can keep using the site either way — even if you decline. More info